Doe de bloem in een grote kom en maak in het midden een kuiltje.
Klop het water, de olie, het ei en het zout in een kom los en giet het in het kuiltje.
Vanuit het midden kneden tot een egaal, droog, maar taai deeg.
Ongeveer 10 tot 15 minuten blijven kneden tot het deeg nog taaier is geworden.⏱ 15 min
Vorm een bal van het deeg.
Leg de bal op een met bloem bestoven aanrecht en bestrijk het dik met olie.
Leg daarover een voorverwarmde schotel en laat 20 minuten rusten.⏱ 20 min
Schil ondertussen de appelen en snijd ze in parten (zonder klokhuis).
De partjes appel snijd je in zeer kleine plakjes en besprenkel ze met citroen.
Meng de suiker en kaneel in een kommetje door elkaar.
Meng de rozijnen met de suiker en kaneel door de appelen.
Verhit de boter in een pannetje.
Bak het paneermeel 3 minuten in de boter tot het mooi bruin is.⏱ 3 min
Leg een schone theedoek op een aanrecht en bestuif deze met bloem.
Leg het deeg erop en rol deze uit tot een zo groot mogelijke vierkante lap.
Trek het deeg daarna voorzichtig uit elkaar tot het een dun en gelijkmatige lap wordt.
Daarna het deeg voorzichtig op de doek leggen en de te dikke randen er vanaf snijden.
Verdeel het gebakken paneermeel over het deeg en voeg daarna de appelvulling toe.
Met behulp van de doek oprollen tot een stevige strudel.
Beboter een bakblik en leg de Apfelstrudel erop.
Bestrijk het geheel nog eens met wat gesmolten boter en daarna op de middelste richel van de voorverwarmde oven schuiven.
Bak de Apfelstrudel in ongeveer 45 minuten goudbruin (220 graden).⏱ 45 min
Haal de Apfelstrudel uit de oven en bestrooi deze met poedersuiker.
Neem een steelpan met een dikke bodem.
Meng de slagroom, suiker en eieren en schraap de vanille uit het stokje.
Verwarm het mengsel op een laag vuurtje. Laat het niet koken, anders stollen de eieren.
Om te checken of de saus dik genoeg is, kun je een houten lepel door de saus halen. Trek met je vinger een streep over de lepel. Als deze streep blijft staan, is je saus goed.